Conclusie
[eiseres] ,
Dexia Nederland B.V.,
onderdeel 1miskent het hof dat de handelingen van [eiseres] , als (pseudo-) gevolmachtigde van [betrokkene] in hun gevolgen de (pseudo-) opdrachtgever, [betrokkene] , treffen, ingeval zij die handelingen heeft verricht binnen de grenzen van de haar verleende bevoegdheid. Nu [eiseres] stelde die handelingen onbevoegd te hebben verricht, valt niet in te zien op welke grond het hof haar handelingen aan [betrokkene] kon toerekenen.
Onderdeel4 voegt nog toe dat zich met de ratio van art. 1:88-89 BW, te weten gezinsbescherming, kwalijk laat rijmen dat [betrokkene] in casu naar verkeersopvattingen gebonden zou worden geacht door onbevoegd als pseudo-vertegenwoordiger handelen of nalaten van [eiseres] en dat dat onbevoegd handelen niettemin voor zijn risico zou komen c.q. blijven.
omdat) [betrokkene] haar geen volmacht heeft gegeven. Hoe dan ook, kan de juistheid van dit betoog van Dexia in het midden blijven, omdat het betoog aan het lot van het middel niet toe- of afdoet.