ECLI:NL:PHR:2016:548
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid cassatieberoep bij overtreding dierenwelzijnswetgeving
De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld tot een geldboete van €250, subsidiair 5 dagen hechtenis, wegens het opzettelijk verkopen en in voorraad hebben van honden en katten zonder te voldoen aan het Honden- en kattenbesluit 1999.
De verdachte stelde cassatieberoep in tegen deze veroordeling. De kernvraag was of de verdachte ontvankelijk was in het cassatieberoep, aangezien het opgelegde strafbedrag onder de cassatiedrempel van €250 viel.
Hoewel de strafbare gedraging sinds 1 juli 2014 onder een nieuw besluit valt waarbij het feit als misdrijf kan worden aangemerkt, oordeelde de Hoge Raad dat deze wetswijziging geen materieelrechtelijke wijziging van de strafwaardigheid inhoudt en daarom niet van toepassing is op deze zaak. Het hof heeft terecht de oude strafbepalingen toegepast.
Daarom is de verdachte op grond van art. 427 lid 2 sub b Sv Pro niet ontvankelijk in het cassatieberoep tegen de opgelegde geldboete, en wordt het beroep verworpen.
Uitkomst: Verdachte niet ontvankelijk in cassatieberoep tegen geldboete van €250 wegens overtreding dierenwelzijnswetgeving.