ECLI:NL:HR:2007:AZ6927
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.A.M. van Schendel
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter van Kan
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep tegen geldboete voor overtreding verkeersregels
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem, Militaire Kamer, waarin verdachte werd veroordeeld voor een overtreding van artikel 19 van Pro het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. Het hof legde een geldboete van €250,- op, subsidiair vijf dagen hechtenis.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het cassatieberoep. Volgens artikel 427 van Pro het Wetboek van Strafvordering staat tegen arresten van gerechtshoven betreffende overtredingen geen cassatieberoep open indien geen andere straf of maatregel werd opgelegd dan een geldboete tot een maximum van €250,-. Dit geldt ook als het maximum is opgelegd.
De Hoge Raad concludeerde dat het cassatieberoep van verdachte niet-ontvankelijk is en verklaarde het beroep dienovereenkomstig. Daarmee is het arrest van het hof definitief en blijft de opgelegde geldboete van €250,- in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep niet-ontvankelijk omdat het hof een geldboete van maximaal €250 heeft opgelegd.