Conclusie
eerste middelkeert zich tegen de bewezenverklaring onder 1 van verzoekers deelneming aan een criminele organisatie, en valt in twee klachten uiteen. De eerste klacht luidt dat het Hof niet (afdoende) heeft gereageerd op een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt van de verdediging strekkende tot vrijspraak. De tweede klacht houdt in dat uit de gebezigde bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat verzoeker heeft deelgenomen aan een criminele organisatie en meer in het bijzonder niet dat het opzet van verzoeker daarop gericht is geweest.
Ten aanzien van feit 3”. Dat neemt echter niet weg dat het Hof dit bewijsmiddel 43, evenals de bewijsmiddelen ten aanzien van feit 2, in onderling verband en samenhang heeft (kunnen) betrekken bij de bewijsconstructie inzake feit 1 (deelneming aan de criminele organisatie). Daarom zal ik deze bewijsmiddelen niet buiten beschouwing laten, wanneer ik verderop ’s Hofs bewijsconstructie met betrekking tot verzoekers deelneming aan een criminele organisatie aan een nadere beschouwing onderwerp.
“Oogmerk
nb: dus niet één à twee keer in de week 2 tot 5 kilo, zoals de rechtbank uit zijn verklaring bij de politie heeft afgeleid). Ook verklaart hij dat [medeverdachte 1] de enige was waarmee hij contact had.
Deelneming
vast dienstverbandbij [A] en verrichtte baliewerkzaamheden;
hoeveelheden softdrugsaangetroffen (de beheerdersrol, p. 188);
cliënt stak geld van de coffeeshop in eigen zaken dit zelf hield zonder dit op enige manier in de boeken te verantwoorden; en
kon beschikken over geldbedragendie op basis van zijn legale inkomsten niet konden worden verantwoord.
nietsoverwogen heeft omtrent (het antwoord op) de vraag of cliënt
in zijn algemeenheidwetenschap heeft gehad dat de organisatie het oogmerk had het plegen van misdrijven.
dus[A] is een criminele organisatie + cliënt werkt bij [A]
DUScliënt is deelnemer van de criminele organisatie.
concreetbewijs voorhanden zijn dat cliënt de wetenschap heeft gehad op enig moment.
Daarvoorbevindt zich bewijs in het dossier. Ook uit de omstandigheid dat cliënt op 19 en 20 november 2012 als zijnde verkoper bij het rechterverkooppunt (d.w.z. degene mét registratiesysteem) staat, blijkt dat hij zich aan de regels hield. Niet gebleken is overigens dat cliënt tijdens zijn baliewerkzaamheden handelingen heeft verricht die gericht waren op overtreding van de gedoogvoorwaarden of omzetverzwijging.
geenbewijs voor de stelling dat cliënt,
doordathij werkzaam was binnen [A] :
Wistdat (mogelijk) sprake was van strafbare feiten (parallelle handel, omzetverzwijging, overtreding van de gedoogvoorwaarden);
Onvoorwaardelijk opzetheeft gehad op het leveren van een ondersteunende bijdrage aan het veronderstelde criminele samenwerkingsverband.
Door het hof gebezigde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien
Als relaas van verbalisant [verbalisant 1] voornoemd, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (ordner 1, blz. 11 e.v.):
Een proces-verbaal van verhoor van [betrokkene 2] ,opgemaakt door [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , beiden brigadier van politie, gesloten op 6 december 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (ordner 2, blz. 757 e.v.):
Een proces-verbaal van verhoor van [betrokkene 2], opgemaakt door [verbalisant 2] en [verbalisant 3] , beiden brigadier van politie, gesloten op 6 december 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (ordner 2, blz. 757 e.v.):
Een proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagnemingmet bijlagen, in de wettelijke vorm opgemaakt door H. Hendrikse, brigadier van politie, gesloten op 28 november 2012, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (blz. 10104):
Als schriftelijk bescheid, de bijlage inbeslaggenomen goederen bij voormeld proces-verbaal, voor zover onder meer inhoudende (blz. 10107):
Als schriftelijk bescheid, een rapport Opiumwet, in de wettelijke vorm opgemaakt door [verbalisant 4], buitengewoon opsporingsambtenaar, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven (blz. 4884):
tweede middelklaagt dat het Hof is afgeweken van een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt met betrekking tot de kwalificatie van feit 3 als witwassen.