ECLI:NL:PHR:2017:34
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking inzake teruggave inbeslaggenomen auto na overlijden eigenaar
In deze zaak gaat het om een klaagschrift van de echtgenote en erfgename van een overleden eigenaar van een inbeslaggenomen auto. De auto was aanvankelijk in beslag genomen in een strafzaak tegen haar zoon, die later werd veroordeeld voor een Opiumwetdelict. De rechtbank verklaarde het klaagschrift tot teruggave van de auto ongegrond, omdat het beslag ex art. 94a Sv moest worden gehandhaafd ter verzekering van verhaal van ontnemingsvordering.
De Hoge Raad stelt vast dat de rechtbank een onjuiste maatstaf heeft toegepast door niet buiten redelijke twijfel vast te stellen dat klaagster als eigenaresse van de auto moet worden aangemerkt. Hoewel de auto op het moment van overlijden eigendom was van de echtgenoot en de klaagster als enige erfgename de auto onder algemene titel heeft verkregen, heeft de rechtbank onvoldoende gemotiveerd waarom het beslag moest blijven.
De Hoge Raad benadrukt dat bij een beslag ex art. 94a Sv de rechter moet onderzoeken of de klaagster als eigenaresse kan worden aangemerkt en of de uitzonderingen van art. 94a lid 4 of 5 Sv van toepassing zijn. De rechtbank heeft dit niet adequaat gedaan en dient dit bij terugwijzing alsnog te beoordelen. De beschikking wordt daarom vernietigd en de zaak terugverwezen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en wijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling van het eigenaarschap en beslag.