Conclusie
1. Proces-verbaalEen proces-verbaal van verhoor (dossierpagina 8). Dit proces-verbaal houdt onder meer in als de op 5 september 2014 door getuige [getuige] ten overstaan van verbalisanten afgelegde verklaring:
“Ik ben woonachtig aan de [a-straat 2] te Haarlem. (...) Op vrijdag 05 september 2014 omstreeks 19.30 uur zag ik een witte personenauto midden op de rijbaan voor mijn woning stoppen. (...) Ik zag dat de bestuurder uit de auto stapte en een grote schroevendraaier in zijn hand vast hield. (...) Ik zag dat de bestuurder naar de berm liep welke de [a-straat] en de N208 scheidt en de schroevendraaier verstopte achter een boom aldaar.”
2.Proces-verbaalEen proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 september 2014 (dossierpagina’s 13-14). Dit proces-verbaal houdt onder meer in als relaas van bevindingen van verbalisant [verbalisant 3] :“(...) Op dit moment kwam er vanaf de meldkamer een melding van een verdachte situatie op de [a-straat] te Haarlem. Vervolgens zouden de personen zijn weggereden in een witte kleine auto. (...) Vlak nadat ik, verbalisant, bovengenoemde door had gegeven aan de meldkamer kruiste mij een kleine witte personenauto. (...) Ik ben vervolgens direct achter deze auto aangereden. (...) Ik kon zien dat er op dit moment 3 personen in het voertuig zaten. (...) Ik zag dat de portier aan de bestuurderszijde werd opengedaan en zag een persoon uit het voertuig stappen. Ik herkende deze persoon direct als [verdachte] . (...) Vlak voor de Antonides van der Goesstraat zag ik dat er goederen uit het raam aan de bestuurderszijde van de Peugeot werden gegooid. Ik zag een hoeveelheid papier door de lucht gaan. (...) Op de papieren en de passen zag ik de naam “ [...] ” staan. Op de papieren zag ik het adres [a-straat 1] vermeld staan.”
3.Proces-verbaalEen proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 september 2014 (dossierpagina’s 19-21). Dit proces-verbaal houdt onder meer in als relaas van bevindingen van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 5] :“(...) wij verbalisanten zagen dat de Peugeot enkele meters voor ons politievoertuig stopte. Wij verbalisanten zagen dat het bestuurdersportier geopend werd en dat de ons ambtshalve bekende [verdachte] [geboortedatum] -1977 te [geboorteplaats] uit de Peugeot stapte. (...) Ik, verbalisant [verbalisant 4] , stapte uit het politievoertuig en ik vertelde [verdachte] dat hij zijn voertuig naast het trottoir moest parkeren en wees hem met mijn arm een vrije parkeerplek aan (...). Ik vertelde [verdachte] dat ik even met hem wilde praten. Wij verbalisanten zagen dat [verdachte] terug in zijn voertuig stapte en met zijn voertuig richting de aangewezen parkeerplek reed. (...) Wij verbalisanten zagen dat het voertuig de vrije parkeerplek voorbij reed en de snelheid verhoogde om vervolgens rechts af de Stalpaert van der Wielenstraat in te rijden. (...) ...wij hebben de achtervolging ingezet op de witte Peugeot 107 voorzien van het kenteken [AA-00-BB] waar [verdachte] als bestuurder in reed. (...) Even later zagen wij verbalisanten dat [verdachte] het voertuig linksaf de P.C. Hooftstraat inreed om even later te stoppen. Wij verbalisanten zagen dat het bijrijdersportier geopend werd en dat er twee personen uit het voertuig sprongen. (...) Wij verbalisanten zagen dat de twee personen rennend vluchtten.”
5.Proces-verbaalEen proces-verbaal van aangifte (dossierpagina’s 58-60). Dit proces-verbaal houdt onder meer in als de op 8 september 2014 door aangever [betrokkene 1] ten overstaan van verbalisant afgelegde verklaring:
middel
1°. hij die opzettelijk iemand die schuldig is aan of verdachte is van enig misdrijf, verbergt of hem behulpzaam is in het ontkomen aan de nasporing van of aanhouding door de ambtenaren van de justitie of politie;
2°. hij die nadat enig misdrijf is gepleegd, met het oogmerk om het te bedekken of de nasporing of vervolging te beletten of te bemoeilijken, voorwerpen waarop of waarmede het misdrijf gepleegd is of andere sporen van het misdrijf vernietigt, wegmaakt, verbergt of aan het onderzoek van de ambtenaren van de justitie of politie onttrekt;
3°. hij die opzettelijk voorwerpen die kunnen dienen om de waarheid aan de dag te brengen of om wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e aan te tonen, met het oogmerk om de inbeslagneming daarvan te beletten, te belemmeren of te verijdelen, verbergt, vernietigt, wegmaakt of aan het onderzoek van de ambtenaren van de justitie of politie onttrekt, dan wel door het opzettelijk verstrekken van gegevens of inlichtingen aan derden die inbeslagneming belet, belemmert of verijdelt.
(…)
3. Deze bepalingen zijn niet van toepassing op hem die de daarin vermelde handelingen verricht ten einde gevaar van vervolging te ontgaan of af te wenden van een van zijn bloedverwanten of aangehuwden in de rechte linie of in de tweede of derde graad van de zijlinie of van zijn echtgenoot of gewezen echtgenoot.”