Conclusie
(het hof begrijpt: [betrokkene 1] en [betrokkene 4]) door een steegje naar de Spuistraat
(te Amsterdam).Toen wij zagen dat de weg vrij was, staken wij beiden over. Toen hoorde en zag ik vanuit de richting van het Centraal Station over het fietspad een auto met grote snelheid aan komen scheuren. Ik zag dat deze auto een soort s-bocht maakte met hoge snelheid. Ik bedoel hiermee dat deze auto vanaf het fietspad een s-bocht moest maken om weer op de normale rijbaan te komen.
eerste middelkomt op tegen de bewezenverklaring van het onder 1 tenlastegelegde verlaten van de plaats van een door de verdachte veroorzaakt verkeersongeval. Het middel bevat twee klachten. In de eerste plaats kan volgens de steller van het middel uit de bewijsvoering van het hof niet worden afgeleid dat de verdachte zich ten tijde van het ontstaan van het ongeval daarvan bewust is geweest. Dat uit de bewijsvoering blijkt dat de verdachte een dag
nade aanrijding wist dat een aanrijding had plaatsgevonden is daartoe onvoldoende. In de tweede plaats wordt gesteld dat uit de bewijsvoering niet kan worden afgeleid dat de verdachte wist dat door de aanrijding letsel was ontstaan bij het slachtoffer, nu zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet kan worden aangenomen dat het letsel van dien aard was, dat het toebrengen daarvan door de verdachte ‘niet te missen’ zal zijn geweest.
tweede middelkomt op tegen de bewezenverklaring van het onder 2 tenlastegelegde besturen van een personenauto zonder geldig rijbewijs en bevat de klacht dat uit de bewijsmiddelen niet zonder meer kan volgen dat ten tijde van het bewezenverklaarde feit de ongeldigheid van het rijbewijs van de verdachte was ingegaan en dat de verdachte dit ook wist.
derde middelkomt op tegen de strafmotivering. Ten eerste wordt geklaagd over de overweging van het hof dat de verdachte blijkens een uittreksel Justitiële Documentatie van 14 januari 2016 vele malen eerder terzake van soortgelijke feiten onherroepelijk is veroordeeld en ten tweede dat het hof niet in het bijzonder de redenen heeft gegeven die tot de keuze van een vrijheidsbenemende straf hebben geleid.