Conclusie
tweede middelklaagt over de veroordeling voor feit 1. De motivering die het hof geeft voor de afwijking van het uitdrukkelijk onderbouwde standpunt, inhoudende een alternatieve lezing van de gebeurtenissen en het ontbreken van daderschap van verdachte schiet tekort. Het door de verdediging geschetste alternatieve scenario vindt steun in het dossier en is niet in tegenspraak met de bewijsmiddelen. Het hof heeft in wezen verdachte veroordeeld omdat het hof haar niet gelooft. Vervolgens gaat het middel gedetailleerd in op de uitleg door het hof van een aantal omstandigheden die uit het onderzoek naar voren zijn gekomen en de conclusies die het hof daaraan heeft verbonden.
Bewijsverweren
Ad a) Geen rechtstreeks (objectief feitelijk) bewijs
“Ad b) Beoordeling bewijsmiddelen
naar het hof begrijpt: het omhulsel van een SIM-kaart) aangetroffen met daarop een telefoonnummer eindigend op [0001] . Uit de historische gegevens van dit nummer bleek dat dit telefoonnummer gedurende de periode dat deze actief is geweest (met name) contact heeft gehad met telefoonnummers eindigend op [0009] , [0006] en [0003] .
[...]..WAV
fonetisch) doet dat.
voorgaande gesprek loopt door)
voorgaande gesprek loopt door)
voorgaande gesprek gaat verder)
Gesprek opname vertrouwelijke communicatie (hierna: OVC)
als ze hadden geweten dat gij erbij had gehoorddan was vannacht hier de voordeur er ook uit gegaan “ (onderstreping door het hof).”
Betrouwbaarheid verklaringen verdachte
Ze hebben eentje en meerdere op oog”.
Je zegt net ze gaan er twee oppakken maar wie dan“, “Je zegt net ze pakken er dadelijk twee welke hoek gaan ze heen dan” en “?”.
Andere hoek heb verkeerd gestuurd” en "
Heb ffoto moeten maken".
Okniet in deze hoek dus” (p. 41881.
Scenario afrekening crimineel circuit
Scenario cocaïne
Deelconclusies
eerste middelklaagt over de veroordeling voor feit 2. Het betreft de aanvraag van een verzekering op het leven van [slachtoffer] . De verdediging heeft erop gewezen dat verdachte niet de begunstigde was van een levensverzekering, noch haar kinderen. Verdachte heeft erkend de formulieren te hebben ingevuld op verzoek van [slachtoffer] maar de handtekening is gezet door [slachtoffer] zelf.
derde middelklaagt over schending van de redelijke termijn. Het beroep in cassatie is op 22 november 2016 ingesteld en het dossier is eerst op 22 december 2017 ter griffie van de Hoge Raad ontvangen. Verdachte bevindt zich in voorlopige hechtenis.