Conclusie
laptop(post 7) en tevens verminderd met de kosten voor de trolley als onderdeel van de post
bedtextiel(post 3).
Parket bij de Hoge Raad
In deze zaak gaat het om poging moord en het opzettelijk veroorzaken van een ontploffing door het gooien van een handgranaat in de slaapkamer van de ex-vriend van de vriendin van de verdachte. De benadeelde partij vorderde een schadevergoeding voor materiële en immateriële schade.
Het hof had vastgesteld dat materiële schade tot een bedrag van € 2.304,24 aannemelijk was en immateriële schade tot € 3.250,- toewijsbaar was. Voor overige schadeposten, waaronder een laptop en diverse elektronische goederen, werd de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard wegens een onevenredige belasting van het strafgeding. Deze overige vorderingen kunnen bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.
De Hoge Raad toetste het oordeel van het hof en oordeelde dat het hof de juiste maatstaf had gehanteerd en dat het oordeel over de onevenredige belasting begrijpelijk was. De middelen van de benadeelde partij werden verworpen en het beroep werd afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt gedeeltelijke toewijzing van schadevergoeding en verklaart overige schadeposten niet-ontvankelijk wegens onevenredige belasting van het strafgeding.