Conclusie
eerste middelklaagt over de bewezenverklaring van schuldheling van een boot.
1.
2.
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 4 juli 2013 (pg. 5-7), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 1]:
hof: blijkens de kopie van het registratiebewijs op pagina 32 heeft de tenaamstelling plaatsgevonden op 22 december 2012)
.De registratiepapieren waren afgegeven aan een snelle motorboot van het merk Stingray, registratienummer [001], voorzien van een motor van het merk Mercruiser nummer [002], afgegeven aan het kenteken [EE-00-FF].
3.
Het proces-verbaal voertuig en vaartuig identificatie d.d. 2 mei 2013 (pg. 34-44), voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 3]:
4.
De bijlage proces-verbaal vaartuig d.d. 9 april 2013 (pg. 45-47), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 5]:
5.
De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting in hoger beroep, voor zover inhoudende:
tweede middelklaagt dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM in de cassatiefase is overschreden, omdat de stukken van het geding te laat door het hof zijn ingezonden.