Conclusie
1.Feiten en procesverloop
van, A-G] de Hoge Raad inzake verslaving gaat te dezen niet op nu bij betrokkene sprake is van een combinatie van genoemde stoornissen.
2.Bespreking van het cassatiemiddel
medical expert) doorgeeft, kan aan deze verklaring geen waarde worden toegekend.
ernstiggestoord zijn geraakt;
in overwegende matevoortvloeit uit de hiervoor genoemde
ernstigecognitieve beperkingen, dan zal hij zich ook hier moeten bedienen van medische expertise, hetgeen betekent dat de psychiater afdoende moet beschrijven hoe ernstig de stoornis en de gevolgen ervan zijn en dat daarnaast de cognitieve schade moet worden onderzocht. [6]
Wet verplichte ggz(Wvggz) [15] wordt de term ‘psychische stoornis’ gebruikt. [16] De wet bevat evenwel geen wettelijke omschrijving van dit begrip. [17] In de toelichting op het aanvankelijke wetsvoorstel heeft de regering met de term ‘psychische stoornis’ aansluiting gezocht bij de classificaties van de DSM (toen nog: DSM IV), een gezaghebbende handleiding voor psychiaters. Deze classificaties omvatten ook de alcoholverslaving. Volgens de memorie van toelichting moet de stoornis
dermate ernstige vormenaannemen dat zij betrokkene zodanig in zijn greep heeft dat ernstige schade voor hemzelf of voor zijn omgeving ontstaat of dreigt te ontstaan. In de memorie van toelichting werd gewezen op een ontwikkeling van het begrip ‘stoornis’ in de tijd:
Beloop:
nietaangekruist of genoemd. In de wettelijke aantekeningen en het behandelplan staat dat bij betrokkene
mogelijksprake is van schizofrenie. Dit is derhalve niet vastgesteld. Ter zitting heeft verpleegkundig specialist [betrokkene 4] verklaard dat de diagnose ‘schizofrenie’ ook in het dossier had moeten zijn aangekruist. Het proces-verbaal vermeldt evenwel niets over de achtergrond van die verklaring. Ook is niet duidelijk of [betrokkene 4] genoemde verklaring namens een psychiater heeft afgelegd. Wel heeft de raadsvrouwe van betrokkene blijkens het proces-verbaal ter zitting verklaard dat betrokkene schizofrenie erkent. Alleen de psychiaters [betrokkene 2] en [betrokkene 3] kunnen rechtens als “
medical experts” worden aangemerkt. In het licht van hun bevindingen kunnen bij het oordeel van de rechtbank “dat gebleken is bij betrokkene sprake is van schizofrenie” derhalve vraagtekens worden gesteld.
zodanige ernstdat het denken, voelen, willen, oordelen en doelgericht handelen van betrokkene daardoor zo ingrijpend wordt beïnvloed dat betrokkene het veroorzaakte gevaar als het ware niet kan worden toegerekend omdat de stoornis de gevaarvolle daden van de betrokkene overwegend beheerst. Uit de hiervoor in 2.11.1 t/m 2.11.5 weergegeven passages blijkt van een dergelijke situatie mijns inziens niet, dan wel in elk geval niet direct.
overwegendbeheersen. Zonder nadere redengeving is niet begrijpelijk wat de rechtbank voor ogen heeft gestaan en waarop zij haar beslissing heeft gegrond. De uit de stukken naar voren komende feiten zijn mijns inziens onvoldoende sprekend om te rechtvaardigen dat in de beschikking met een summiere motivering wordt volstaan.