Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
middelklaagt dat het hof op de terechtzitting van 11 april 2016 de zaak tegen de verdachte ten onrechte, dan wel onvoldoende gemotiveerd in behandeling heeft genomen en niet het onderzoek ter terechtzitting heeft geschorst, nu een afschrift van de oproeping voor die terechtzitting had moeten worden gezonden aan het kantooradres van de raadsman mr. S. Arts, terwijl dit achterwege is gebleven, althans niet kan worden vastgesteld dat dit is gebeurd. Daarbij wordt een beroep gedaan op HR 19 december 2017. [1]