ECLI:NL:PHR:2019:1449
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Gebruik van niet-geregistreerde tolk tijdens hoger beroep strafzaak zonder geldige reden
De verdachte is bij arrest van het gerechtshof Den Haag veroordeeld tot 24 maanden gevangenisstraf wegens verkrachting. Tijdens het hoger beroep maakte het hof gebruik van een tolk die niet was ingeschreven in het Register beëdigde tolken en vertalers, omdat een geregistreerde tolk in de Tunesische taal niet tijdig beschikbaar was. De tolk legde de vereiste eed af en vertaalde de zitting.
De verdediging voerde in cassatie aan dat het gebruik van deze niet-geregistreerde tolk in strijd met de wet was, dan wel dat de motivering voor het gebruik onvoldoende was. Uit het proces-verbaal blijkt echter dat de verdediging ter terechtzitting geen bezwaar maakte tegen het gebruik van deze tolk, terwijl daartoe gelegenheid was.
De Hoge Raad oordeelt dat een dergelijk verweer niet voor het eerst in cassatie kan worden ingebracht en verwerpt het middel. Tevens zijn er geen ambtshalve gronden voor vernietiging van het arrest. Daarmee blijft het bestreden arrest in stand.
Uitkomst: Het cassatiemiddel dat klaagt over het gebruik van een niet-geregistreerde tolk wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.