Conclusie
1.Inleiding
2.De cassatiemiddelen
3.Het eerste middel
eerste klachtbetreft, inhoudende dat het hof het gevoerde niet-ontvankelijkheidsverweer onvoldoende gemotiveerd heeft verworpen, wordt in de toelichting aangevoerd dat het hof ter verwerping van dit verweer onbegrijpelijk overweegt:
tweede klachtvan het middel, namelijk dat het hof de ter zitting van 25 augustus 2015 gegeven beslissing dat het verzoek van de verdediging tot het horen van de CIE-runners en de chef CIE als getuigen moet worden afgewezen, ontoereikend, dan wel onbegrijpelijk heeft gemotiveerd, tevergeefs is voorgesteld.
van [slachtoffer], terwijl de omstandigheid dat geen informatie bekend is
van [slachtoffer]niet uitsluit dat bij de CIE mogelijk wel
van andereninformatie bekend is die [slachtoffer] aan zijn runner(s) heeft verstrekt. Het hof is bij de afwijzing van het verzoek daarom vooruitgelopen op hetgeen de chef CIE (daaromtrent) zou kunnen verklaren.