Conclusie
Inleiding
Het eerste middel
“Start beschuldigingen.
zie haar verklaring bij de r-c). [betrokkene 1] verklaart zelf ook dat dit in het begin nergens op gebaseerd is, maar alleen een gevoel was.
zie verhoor r-c [benadeelde 1] , zie ook p 4 rapp Wolters) of dat [betrokkene 1] dit zelf heeft ingevuld naar aanleiding van het advies van de wijkagent (
zie verhoor r-c [betrokkene 1]), maar In ieder geval is dit gegeven o.a. gedeeld met moeder. En ze moet van [betrokkene 1] opletten op eventuele gedragsveranderingen (
zie verhoor moeder r-c en zie p 5 rapp Wolters)
moeter volgens [betrokkene 1] wel iets gebeurd zijn. Hoewel daar dus nul concrete aanwijzingen voor zijn.
nietsis gebeurd.
moetzijn. En wel op het gebied van seks. De jongens worden hier verder in een ‘slachtoffer-rol’ gedrukt.
Tussenconclusie:
geen enkel signaalis dat wijst op seksueel misbruik schakelt gezinscoach [betrokkene 1] de wijkagent in om cliënt ‘na te trekken’. Na het bekend worden van het zedenverleden van cliënt, wordt deze info gedeeld met moeder (en instanties - kom ik nog op) met daarbij het verzoek van [betrokkene 1] om op het gedrag van de jongens te letten.
moeter volgens [betrokkene 1] en ook moeder wel iets gebeurd zijn.
Inhoud verklaringen (studioverhoren - rc verhoren):
gezien heeftdat [verdachte] zijn zusje [betrokkene 4] bij de keel heeft gepakt.
zie verklaring [benadeelde 1] bij de r-c).
zie verhoor r-c [betrokkene 1] -en [betrokkene 5])
zie rapp Vd Sleen ‘ontstaansgeschiedenis)
Tussenconclusie
niet al te zwareproporties aanneemt kinderen in staat zijn het misbruik
enige tijdverborgen te houden.
Slotconclusie
Een Rapport betreffende een onderzoek naar de betrouwbaarheid van de verklaringen van de minderjarigen [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] in de zaak tegen [verdachte] , d.d. 18 januari 2015, opgemaakt en ondertekend door de rapporteur dr. G. Wolters. Dit rapport houdt onder meer in - zakelijk weergegeven - :
Een rapportage betreffende de verklaringen van [slachtoffer 3] en [slachtoffer 2] in de strafzaak tegen verdachte [verdachte], d.d. 30 mei 2017, opgemaakt en ondertekend door de deskundige drs. J. van der Sleen. Dit rapport houdt onder meer in - zakelijk weergegeven - (blz. 29 en 30):