Conclusie
1.Inleiding en samenvatting.
2.Feiten en procesverloop
3.Bespreking van het cassatiemiddel
zo mogelijkvermijden van een gerechtelijke procedure, en dient het algemeen belang van spoedige verkrijging door de onteigenaar.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Parket bij de Hoge Raad
In deze zaak staat centraal de vraag of de provincie Gelderland heeft voldaan aan haar verplichting om de te onteigenen onroerende zaak bij minnelijke overeenkomst te verkrijgen, zoals voorgeschreven in artikel 17 van Pro de Onteigeningswet (Ow). De rechtbank had geoordeeld dat de provincie aan deze onderhandelingsplicht had voldaan, ondanks het feit dat eisers vonden dat het bod te laag was en dat de provincie onvoldoende schriftelijke onderbouwing had gegeven.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van de rechtbank en wijst de klachten van eisers af. De provincie heeft sinds 2012 meerdere pogingen ondernomen om met eisers te onderhandelen, waaronder het doen van een aanbod van € 22.000,-, dat herhaaldelijk is bevestigd. Hoewel eisers om schriftelijke onderbouwing vroegen, heeft de provincie mondelinge toelichting aangeboden en de kosten van een deskundige vergoed, zodat een berekening van de schadeloosstelling mogelijk was.
De Hoge Raad benadrukt dat een aanbod niet zodanig laag mag zijn dat het niet serieus kan worden genomen en dat de onteigenaar geen evident onhoudbare uitgangspunten mag hanteren. In deze zaak was er sprake van een verschil van mening over waardevermindering en bijkomende schade, maar dit maakte de pogingen tot minnelijke verwerving niet ons serieus. De Hoge Raad stelt ook dat de rechter in een vroeg stadium van de procedure niet diepgaand hoeft te oordelen over de waarde en schadeposten, omdat het algemeen belang vereist dat het onteigende spoedig wordt verkregen.
De conclusie is dat de provincie heeft voldaan aan haar onderhandelingsplicht en dat het cassatieberoep van eisers wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de provincie heeft voldaan aan haar onderhandelingsplicht.