ECLI:NL:PHR:2020:1163
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens ongeldige betekening dagvaarding in hoger beroep
De verdachte werd door het gerechtshof Amsterdam niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam wegens overtreding van de Wegenverkeerswet 1994. De dagvaarding in hoger beroep was echter niet op juiste wijze betekend, omdat niet was geprobeerd deze uit te reiken op het laatst bekende woonadres van de verdachte, terwijl het adres waar de betekening plaatsvond niet bestond.
De stukken tonen aan dat de verdachte niet meer was ingeschreven in de Basisregistratie Personen, maar wel een laatst opgegeven woonadres had. De dagvaarding werd abusievelijk op een ander adres betekend, waardoor de betekening niet rechtsgeldig was. De betekening ter griffie en toezending van een afschrift konden dit gebrek niet herstellen.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte heeft geoordeeld dat de dagvaarding rechtsgeldig was betekend en dat verstek kon worden verleend. Daarom wordt het arrest van het hof vernietigd en de dagvaarding in hoger beroep nietig verklaard. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe behandeling met een juiste betekening.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de dagvaarding in hoger beroep nietig verklaard wegens onjuiste betekening.