ECLI:NL:PHR:2020:598
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in cassatie wegens intrekking cassatiemiddel in economische zaak
De verdachte werd door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld voor meerdere overtredingen van voorschriften uit de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, waarbij hij samen met anderen feitelijk leiding gaf aan de verboden gedragingen. De opgelegde straffen bestonden uit geldboetes en stillegging van de onderneming.
De verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest, maar trok het enige cassatiemiddel in dat in de cassatieschriftuur was voorgesteld. Hierdoor resteren geen middelen van cassatie meer.
De Procureur-Generaal concludeert dat de verdachte niet in cassatie kan worden ontvangen. Dit betekent dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk wordt verklaard en het arrest van het hof in stand blijft.
Er is sprake van samenhang met twee andere zaken (19/03042 en 19/03045) waarin eveneens conclusies zijn uitgebracht. De zaak betreft een economische strafzaak met meerdere overtredingen van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens intrekking van het cassatiemiddel.