Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
Op 10 december 2018 heeft de officier van justitie beslist dat het rijbewijs uiterlijk - 6 (zes) maanden - tot 6 juni 2019 wordt ingehouden.”
Parket bij de Hoge Raad
De rechtbank Amsterdam heeft op 18 december 2018 het klaagschrift van klager, gericht op teruggave van zijn ingevorderde en door het openbaar ministerie ingehouden rijbewijs, ongegrond verklaard. Klager stelde hiertegen cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft in zijn conclusie op 12 mei 2020 aangegeven dat uit ingewonnen inlichtingen blijkt dat het rijbewijs op 5 juni 2019 aan klager is teruggegeven. Hierdoor is het beslag op het rijbewijs geëindigd op grond van artikel 134 lid 2 onder Pro a van het Wetboek van Strafvordering.
Omdat klager het rijbewijs inmiddels heeft ontvangen, heeft hij geen belang meer bij het cassatieberoep tegen de beschikking van de rechtbank. Daarom wordt het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard. Deze beslissing voorkomt verdere behandeling van het beroep wegens het ontbreken van een actueel belang.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang omdat het rijbewijs is teruggegeven.