Conclusie
1.Inleiding en samenvatting
2.De feiten en het procesverloop in de hoofdzaak
3.Het procesverloop in de wrakingszaak
4.Bespreking van het verzoek tot wraking
Inleidende opmerkingen met betrekking tot het middel van wraking
fair trial, eerlijk proces). Hoewel fiscale verplichtingen geen ‘civil rights and obligations’ in de zin van art. 6 EVRM Pro zijn, [6] kan ook in fiscale procedures aan de rechtspraak van het EHRM wel betekenis worden toegekend, in de zin dat voor de uitleg van art. 8:15 Awb Pro aan die rechtspraak aanknopingspunten worden ontleend. Hierna verwijs ik daarom, behalve naar de rechtspraak van de Hoge Raad, ook naar (voorbeelden uit de overvloedige) rechtspraak van het EHRM.
the external observer) [8] twijfels over de onpartijdigheid van de rechter bestaan, welke twijfels objectief te rechtvaardigen moeten zijn op grond van vaststelbare feiten. [9] Zulke feiten kunnen bijvoorbeeld zien op een gebrek in de onafhankelijkheid van de rechter ten opzichte van de uitvoerende macht [10] of ten opzichte van een procespartij. [11] Ook gedragingen van de rechter kunnen in dit verband in aanmerking worden genomen. [12]
be seento be done.’ [14]
als zodaniggeen grond voor wraking. Uiteraard is niet bij voorbaat onmogelijk dat de inhoud van een beslissing zodanig is dat daaruit alsnog een vooringenomenheid van de rechter of (naar objectieve maatstaven) de schijn van partijdigheid kan worden afgeleid. [16] In geval van een tussenbeslissing wordt dan alsnog wraking mogelijk. In geval van een eindbeslissing is wraking niet meer mogelijk, en kan het gebrek in de beslissing alleen door het instellen van een rechtsmiddel (in het bijzonder hoger beroep of cassatie) worden geredresseerd. Is de beslissing in hoogste instantie genomen en staat geen rechtsmiddel open, dan is dat niet anders:
Lites finiri oportent,de rechtsstrijd moet ooit worden beëindigd. Uiteraard heeft de hoogste rechter, zo mogelijk nog meer dan iedere andere rechter, wel de zeer ernstig te nemen verantwoordelijkheid om zijn werkwijze zodanig in te richten dat zoveel mogelijk wordt voorkomen dat beslissingen worden genomen waarvan de inhoud aanleiding zou kunnen geven tot twijfels over de onpartijdigheid van de rechters die de beslissing namen.
nog minderkan een wrakingsverzoek met succes worden gedaan op de grond dat een door de rechter nog te nemen beslissing een bepaalde inhoud zou hebben. [17] Zolang een beslissing nog niet is genomen, staat niet vast wat zij inhoudt. Voor speculatie over de inhoud van een nog te nemen beslissing is geen plaats. Nogmaals: beslissen is eenvoudig datgene wat aan de rechter is
toevertrouwden waarin hij uit hoofde van zijn aanstelling ook behoort te worden
vertrouwd. Dit geldt ook indien een partij die om wraking verzoekt, meent de inhoud van de te nemen beslissing te kunnen voorspellen. Kritiek, ook fundamentele kritiek, op constante rechtspraak van een rechterlijk college, vormt voor wraking geen grond. [18]
behandelen. Een rolraadsheer heeft met de behandeling van de zaak geen bemoeienis. Hieruit volgt dat een verzoek om wraking van de rolraadsheer niet mogelijk is. [19]
persoonlijke vooringenomenheidvan de gewraakte raadsheren. Als zij aanvoert dat de beslissing in de hoofdzaak al genomen was voordat zij haar gronden kenbaar heeft kunnen maken, laat dit zich opvatten als een beroep op een gebrek in de
objectieve onpartijdigheidvan de gewraakte raadsheren.
bij de ingang vande cassatieinstantie. Als een rechterlijke beoordeling op relevantie voor de te nemen beslissing in reeds die fase op zichzelf al toelaatbaar is, zal dit mijns inziens beperkt moeten blijven tot gevallen waarin alles wat een partij nog zou kúnnen aanvoeren, voor de te nemen beslissing
evident irrelevantis.
beroep in cassatiespreken? Het EHRM beschouwt nationale procesregels, waaronder ontvankelijkheidsregels en (beperkingen van het recht van) toegang tot de cassatierechter als een zaak van de lidstaten, maar grijpt intussen in als deze nationale procesregels extreem formalistisch worden toegepast op een wijze waardoor belanghebbenden in hun belang worden geschaad. [41] Ook moeten ontvankelijkheidseisen en formele termijnvereisten voorzienbaar worden toegepast en mogen zij geen drempel vormen voor een effectieve toegang tot de rechter. [42] Een voor de belanghebbende niet te voorziene afwijking van de praktijk zoals die ook bij de Hoge Raad bestaat, volgens welke hij op zijn verzoek in de gelegenheid wordt gesteld om de gronden van het beroep aan te vullen of reeds geformuleerde gronden nader uit te werken, bevindt zich mijns inziens dus wel degelijk in de ‘gevarenzone’.