4.2.Uit de stukken die aan de Hoge Raad zijn toegezonden blijkt, voor zover voor de beoordeling van het middel relevant, het volgende procesverloop:
(i) Op 7 juli 2017 is namens de verdachte hoger beroep ingesteld tegen het eindvonnis van de rechtbank Gelderland d.d. 26 juni 2017.
(ii) Bij appelschriftuur van 17 juli 2017 heeft de raadsman van de verdachte verzocht om [getuige 5] als getuige te horen. Dit verzoek is als volgt toegelicht:
“[…]
i. [getuige 5] : kan verklaren over de strijd om de zoon van Cliënt ( [betrokkene 2] ), het feit dat cliënt haar uit de prostitutie heeft gehaald en de omslag in haar houding, uitmondende in haar verklaring van 11 mei 2015, waar zij een volstrekt andere toon aanslaat en ineens jegens cliënt belastend gaat verklaren.
[…]”
(iii) Bij de regiezitting van het hof van 28 februari 2018 is namens de verdachte aan de hand van de aan het proces-verbaal van de terechtzitting gehechte notities onder meer het volgende naar voren gebracht:
“[…] En dan weten we ook dat cliënt eerder een vriendin, de moeder van zijn kind, uit de prostitutie heeft gehaald: daarover bestaat geen enkele onduidelijkheid: [getuige 5] , blz. 241 e.v.: “dat hij mij uit de prostitutie haalt en dan in de vrouwenhandel zit, snap ik niet.” (blz. 244).
[…]
En met verzoek de volgende getuigen te horen:
[…]
i. [getuige 5] : kan verklaren over de strijd om de zoon van cliënt ( [betrokkene 2] ), het feit dat cliënt haar uit de prostitutie heeft gehaald en de omslag in haar houding, uitmondende in haar verklaring van 11 mei 2015, waar zij een volstrekt andere toon aanslaat en ineens jegens cliënt belastend gaat verklaren. Hoe komt dat? Sowieso onnavolgbaar hoe verklaring tot stand is gekomen: verhoor vangt aan op 29 april 2015 (blz. 241), gesloten en getekend op dezelfde dag (blz. 246); echter er wordt gerelateerd over contacten met de getuige - na overleg met advocaat - om delen uit haar verklaring te halen (blz. 245: dat gebeurt dan blijkbaar ook: “de zaken die niet relevant zijn voor dit onderzoek, zijn door ons uit de verklaring gehaald”): op 6 mei contact en op 11 mei (blz. 246) verhoor beëindigd (maar op 29 april ondertekend?). Hoe is dat gegaan? Wat is er gebeurd, welke delen zijn uit de verklaring gehaald; is daar over onderhandeld; heeft dat invloed gehad op haar verklaring jegens cliënt d.d. 11 mei 2015 (blz. 249 e.v.)? Zij verklaart over het feit dat er “geen liefde” zou zijn, dat aangeefster “gemanipuleerd” is, “abortus dus geen liefde”: conclusies of eigen wetenschap. Immers, zij verklaart tevens dat het contact met cliënt “altijd over onze zoon” ging (blz. 250). Overigens is er tevens tegenstelling tussen de verklaring van deze getuige (blz. 251) en aangeefster, onder andere aangaande het ontvangen van klanten in haar woning: terzake nader te bevragen.
[…]”
(iv) Het tussenarrest van het hof van 14 maart 2018 houdt ten aanzien van het verzoek om de getuige [getuige 5] te horen, het volgende in:
“Verzoeken
Bij appelschriftuur van de raadsman van verdachte, mr. C.N.G.M. Starmans, ingekomen op 17 juli 2017, zijn onderzoekswensen opgegeven. Op de regiezitting van het hof van 28 februari 2018 heeft de raadsman de onderzoekswensen nader toegelicht en aangevuld. De verdediging heeft, kort samengevat, de volgende verzoeken:
[…]
C: Het horen van de volgende getuigen:
[…]
i. [getuige 5] : kan verklaren over de strijd om de zoon van verdachte, het feit dat verdachte haar uit de prostitutie heeft gehaald en de omslag in haar houding, uitmondende in haar verklaring van 11 mei 2015, waar zij een volstrekt andere toon aanslaat en ineens jegens verdachte belastend gaat verklaren;
[…]
Oordeel van het hof
[…]
i. [getuige 5]
j. [betrokkene 7] en [betrokkene 8]
k. [betrokkene 9]
Gelet op de door de verdediging gegeven onderbouwing acht het hof het horen van deze getuigen niet van belang voor de beantwoording van de vragen van artikelen 348 en 350 Sv, zodat het belang van de verdediging om deze getuigen te horen niet is gebleken.
Het verzoek tot het horen van deze getuigen zal daarom worden afgewezen. Verdachte is
daardoor redelijkerwijs niet in zijn verdediging geschaad.”
(v) Uit de ter terechtzitting in hoger beroep van 24 juni 2020 overgelegde pleitnotities blijkt dat dat verzoek als volgt is herhaald:
“[…]
En herhaling van het verzoek de volgende getuigen te horen, naast de reeds op 28 februari 2018
gegeven toelichting:
[…]
d. [getuige 5] : kan verklaren over de strijd om de zoon van cliënt ( [betrokkene 2] ), het feit dat cliënt haar uit de prostitutie heeft gehaald en de omslag in haar houding, uitmondende in haar verklaring van 11 mei 2015, waar zij een volstrekt andere toon aanslaat en ineens jegens cliënt belastend gaat verklaren.
[…]”
(vi) Ter terechtzitting is daarop verder nog het volgende aangevuld:
“[…]
Opeens was er een omslagpunt bij getuige [getuige 5] . Het slachtoffer is gemanipuleerd? Ze is niet zo slim? Hoe kan zij dat beoordelen? Hoe komt zij daarbij? De verdediging moet de verklaring kunnen toetsen. Cliënt zegt dat ze het onderling hebben afgesproken.
[…]”
Het hof heeft het verzoek in het bestreden arrest opnieuw als volgt afgewezen:
“
(Herhaalde) verzoeken verdediging
De raadsman heeft de op de regiezitting van 28 februari 2018 verschillende verzoeken gedaan. Een aantal van deze verzoeken is toegewezen. De raadsman heeft ter zitting de eerder afgewezen verzoeken herhaald en in zijn pleitnota onderbouwd. Deze verzoeken luiden - kort en zakelijk weergegeven – als volgt:
[…]
Het horen als getuigen van:
[…]
d. [getuige 5]
[…]
Oordeel hof
[…]
d. e. f.
Gelet op de door de verdediging gegeven onderbouwing acht het hof het horen van deze getuigen niet van belang voor de beantwoording van de vragen van de artikelen 348 en 350 Sv, zodat de noodzaak om deze getuigen te horen niet is gebleken. Het verzoek tot het horen van deze getuigen zal daarom worden afgewezen.”