ECLI:NL:PHR:2023:1055
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewezenverklaring medeplegen hennepkwekerijen en redelijke termijn overschrijding
De verdachte is door het gerechtshof Den Haag veroordeeld tot 22 maanden gevangenisstraf, waarvan 11 maanden voorwaardelijk, wegens medeplegen van hennepteelt in meerdere panden tussen 2011 en 2013. Het cassatieberoep richt zich op de vraag of de bijdrage van de verdachte voldoende gewicht heeft om medeplegen te bewijzen en op de berekening van de overschrijding van de redelijke termijn in hoger beroep.
Het hof heeft geoordeeld dat het verrichten van opbouwwerkzaamheden en het leveren van kweekbenodigdheden, gecombineerd met bewuste samenwerking met medeverdachten, voldoende intellectuele en materiële bijdrage vormt voor medeplegen. De Procureur-Generaal acht dit oordeel niet onbegrijpelijk en wijst het middel af.
Ten aanzien van de redelijke termijn is vastgesteld dat de overschrijding ruim vijf jaar bedraagt tussen het instellen van het hoger beroep en het arrest, waarbij de verdachte slechts 4,5 maand in voorlopige hechtenis zat. De Hoge Raad kan dit oordeel slechts beperkt toetsen en acht de redelijke termijn van twee jaar passend. Ook dit middel faalt.
De conclusie van de Procureur-Generaal is derhalve dat het cassatieberoep verworpen moet worden, waarmee de veroordeling en de strafoplegging in stand blijven.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor medeplegen hennepteelt blijft in stand.