2.3Het hof heeft deze bewezenverklaring gebaseerd op de volgende bewijsmiddelen:
“
1. Het proces-verbaal van verhoor aangeefster d.d. 9 november 2019 (pg. 15-17), voor zover inhoudende als verklaring van [aangeefster] :
(dossierpagina 15)
Op 9 november 2019, verliet ik samen met mijn vriend genaamd [verdachte] de woning van zijn oma en opa. Ik had ruzie met [verdachte] en vroeg of hij mij thuis af kon zetten. (…) Vervolgens stopte hij op een parkeerplaats waar ik niet bekend ben. Nu later heb ik begrepen dat dit de [plaats] was in [plaats] . (…) Ik wilde hierop uit de auto stappen en ik voelde dat hij met zijn rechterarm om mijn nek klemde en mij in zijn richting trok. Hierdoor belandde ik bij hem op schoot. Door dit klemmen voelde ik een pijnscheut aan mijn nek, toen ik bij hem op schoot belandde, pakte hij gelijk zijn linkerarm erbij om mijn nek. En ik zag en voelde dat hij met beide armen om mijn nek heen klemde, hierdoor kreeg ik geen lucht en snakte ik naar adem. Hij klemde mijn keel dicht met de
(dossierpagina 16)
binnenkant van zijn ellebogen. Ik vroeg aan [verdachte] of hij mij los kon laten en ik gaf aan dat ik geen lucht kreeg. Ik had echt het gevoel alsof ik stikte. [verdachte] liet mij niet meteen los; ik heb het zeker 5 of 6 keer gevraagd om mij los te laten. Hierop liet hij na enkele ogenblikken toch mijn keel los, ik ben toen terug op de bijrijdersstoel gaan zitten. Zittend op de bijrijdersstoel voelde ik dat ik echt naar lucht moest happen en ik aan het hyperventileren was. Door het gebeuren kreeg ik echt last van paniekaanvallen en was ik helemaal aan het trillen. Ook voelde ik dat mijn onderlip opgezet was en zag ik later bloed op mijn lip, ik vermoed dat dit in de worsteling is gebeurd. Ook heb ik pijn aan mijn nek en keel, ik heb een opgezet gevoel aan mijn nek en last van kloppingen. (…)
Ik zie dat aangeefster een rode opgezwollen nek heeft met striemen aan haar linkerzijde van haar nek, ook zie ik aan die kant een lichte bloeduitstorting. Onder haar rechter kaak richting kin zie ik een kras van ongeveer 7 centimeter. Bij aankomst bij het voertuig zag ik, verbalisant [verbalisant 1] , dat de onderlip van [aangeefster] bloedde. Over haar neus zie ik, verbalisant [verbalisant 1] , van links naar rechts een blauwe streep lopen.
2. Een schriftelijk bescheid, te weten een geneeskundige verklaring d.d. 12 november 2019 (pg. 45):
A. Uitwendig waargenomen letsel:
- Linkerzijde hals 3-tal striemvormige hematomen.
- Pijnlijke palpatie nekmusculatuur links > rechts.
- Streepvormige oppervlakkige schaafverwonding kin rechts.
- Oppervlakkige wondje liphoek bovenlip links.
- Hematoom heup linkerzijde 2cm X 2cm. (…)
F. Geschatte duur van de genezing: Geen inschatting van te geven.
3. Het proces-verbaal van verhoor d.d. 9 november 2019 (pg. 28-31), voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte:
(dossierpagina 29)
Ik pakte haar vast door haar te omarmen. (…)
(dossierpagina 30)
Ik bracht mijn linkerarm voor langs en pakte haar rechterschouder vast. Ik trok haar naar mij toe. Haar rug trok ik tegen mijn borst.
Ik bracht mijn rechterarm achter haar hoofd, ook naar haar schouder. En zo hield ik haar vast en dat voor een korte tijd. (…)
Ik zag een wondje bij haar mond. Toen ik dat zag, liet ik haar los.
Ze schreeuwde wel op het moment dat ik haar los liet.
Toen zei ze direct dat ze geen lucht kreeg. (…)
Ze zei ook dat ze last had van een paniek-aanval. Ze heeft astma en is al van zichzelf al wat kortademiger.
4. Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 november 2019 (pg. 7-8), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 2] , [verbalisant 3] en [verbalisant 1] :
(dossierpagina 7)
Op 9 november 2019, omstreeks 13:10 uur, (…) kregen wij van de dienstdoende meldkamercentralist de opdracht om te gaan naar de [a-straat] in [plaats] .
(…)
Wij zagen dat in de Fiat een jonge man en een jonge vrouw zaten. Wij zagen dat de vrouw huilde.
Wij spraken de inzittenden aan en ik, [verbalisant 3] , vroeg de man om uit te stappen en met mij mee te lopen zodat wij beide betrokkenen afzonderlijk van elkaar konden spreken.
De betrokken personen bleken te zijn;
[verdachte]
geboren op [geboortedatum] 1997 te [geboorteplaats]
wonende [b-straat 1]
te [plaats]
[aangeefster]
geboren op [geboortedatum] 2001 te [geboorteplaats]
wonende [c-straat 1]
te [plaats] .
(dossierpagina 8)
Verder verklaarde [aangeefster] dat ze in de auto wederom ruzie hadden gehad en dat [verdachte] daarbij onder andere haar keel had dichtgeknepen. Desgevraagd toonde [aangeefster] haar hals en wij, [verbalisant 2] en [verbalisant 1] , zagen dat [aangeefster] verschillende rode striemen in haar hals en nek had. (…)
Bij het maken van de foto's van het letsel hoorde ik, [verbalisant 1] , dat aangeefster tegen mij zei: "Ik ben blij dat jullie er zo snel waren, ik weet niet hoe het anders was afgelopen met mij".”