De zaak betreft een vordering tot onttrekking aan het verkeer van een Medion computerkast en een Apple iPad, die reeds driemaal in cassatie is voorgelegd. De belanghebbende is onherroepelijk veroordeeld voor ernstige strafbare feiten waaronder afdreiging, verkrachting, computervredebreuk en het wissen van gegevens.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft bij beschikking van 17 april 2023 de onttrekking aan het verkeer van de computerkast en iPad gelast, stellende dat deze voorwerpen inwisselbaar zijn met gegevensdragers die gebruikt zijn voor pornografisch materiaal van het slachtoffer. De rechtbank baseerde zich op de mogelijkheid dat bestanden via synchronisatie met een clouddienst toegankelijk blijven, waardoor de iPad en computerkast als 'voertuigen' of 'sleutels' voor deze bestanden worden gezien.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad concludeert echter dat de rechtbank onvoldoende heeft vastgesteld dat er een concreet verband bestaat tussen de computerkast en iPad enerzijds en de strafbare feiten waarvoor de belanghebbende is veroordeeld anderzijds. De enkele technische mogelijkheid tot toegang via cloudopslag is onvoldoende om deze voorwerpen vatbaar te achten voor onttrekking aan het verkeer conform art. 36c Sr. De Hoge Raad wordt verzocht de beschikking te vernietigen en een passende beslissing te nemen.
De conclusie benadrukt tevens dat deze vordering reeds driemaal is behandeld en dat het wenselijk is dat de zaak na vernietiging aan een andere rechtbank wordt toegewezen om verdere cassatieprocedures te voorkomen.