Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.De ontvankelijkheid van het cassatieberoep
3.Het eerste middel
4.Het tweede middel
NJ2023/106, m.nt. N. Keijzer, waarin de Hoge Raad heeft geoordeeld dat de opvatting, dat uit de zienswijze van het VN-mensenrechtencomité in de zaak Jaddoe volgt dat de cassatieprocedure als zodanig niet kan worden beschouwd als een beoordeling door een hoger rechtscollege in de zin van art. 14 lid 5 IVBPR Pro, onjuist is. [6]