2. Het als bijlage bij het eindproces-verbaal van 31 mei 2019 gevoegde, door [verbalisant 1] , hoofdagent van politie, Eenheid Oost-Nederland, opgemaakte proces-verbaal van verhoor getuige van 11 april 2019 (…), voor zover inhoudende als
verklaring van [getuige 1], zakelijk weergegeven:
We gingen naar [betrokkene 1]. [betrokkene 1] wilde alleen maar naar huis. [verdachte] was nog vol energie. Buiten stond [getuige 2]. Ik vroeg of hij mee ging met ons.
[verdachte] en [slachtoffer] gingen naar het dakterras. (...)
Ik zei tegen [slachtoffer] dat ik naar huis zou gaan en vroeg of ze mee ging. Ik weet niet meer precies wat ze zei. Maar de conclusie was dat ze nog even wilde blijven en Mario Bros wilde spelen.
[getuige 2] ging naar zijn eigen huis. Ik lag in mijn bed en was bijna in slaap aan het vallen. Toen kwam [slachtoffer] aan mijn deur. Ze klopte aan. Ze had helemaal grote ogen en ze was aan het hijgen. Als ik er een emotie aan zou geven zou ik angst zeggen.
Ze begon me te vertellen wat er gebeurd was. Dat ze Super Mario gingen spelen nadat wij weg waren. Toen begon hij haar opeens te tongzoenen. Hij pakte haar daarbij vast. Toen begon hij haar ook te wurgen. Ze begon te vertellen over zijn blik die hij toen kreeg. Ze vertelde dat ze de angst dat ze zou sterven. Dat ze echt dacht: ‘Nu ga ik dood’.
Ze had ook blauwe plekken in haar hals.
V: Kun je de blauwe plekken omschrijven?
A: Ze waren niet zo groot dat ze om haar hele hals heen gingen. Ze waren groter dan de afdruk van je duim. Ze waren op verschillende plekken. Het waren blauw-gelige plekken.
V: [slachtoffer] klopt 's nachts bij jou aan en verteld wat er gebeurd is. Hoe zat het toen met haar emoties?
A: Ze ademde heel snel en trilde.
V: En tijdens het gesprek dat daarop volgde?
A: Toen was ze aan het trillen.