ECLI:NL:PHR:2024:705
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn bij grootschalige DigiD-fraude
De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot 14 maanden gevangenisstraf voor meerdere feiten, waaronder medeplegen van opzetheling en grootschalige DigiD-fraude. Het hof kwalificeerde ten onrechte één feit als gewoonteheling, maar de bewezenverklaring bleef voldoende gemotiveerd. De verdachte had een prominente rol in de fraude, waarbij vertrouwelijke persoonsgegevens van met name buitenlandse studenten werden misbruikt.
De advocaat-generaal stelde in cassatie dat de strafoplegging niet hoefde te worden vernietigd ondanks de onjuiste kwalificatie, omdat het strafmaximum en de strafmotivering niet wezenlijk werden beïnvloed. Wel werd geconstateerd dat de redelijke termijn in cassatie met ruim twaalf maanden was overschreden, wat een strafvermindering rechtvaardigt.
De Hoge Raad volgt dit advies en vernietigt het arrest uitsluitend voor wat betreft de duur van de gevangenisstraf, die wordt verminderd naar bevind van zaken. Het cassatieberoep wordt voor het overige verworpen. De strafmotivering en bewezenverklaring blijven in stand, waarbij het hof terecht rekening hield met de ernst van de feiten, het financieel voordeel van de verdachte en de impact op het vertrouwen in DigiD.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd vanwege overschrijding van de redelijke termijn, overige klachten worden verworpen.