Conclusie
1.Inleiding
2.De bewezenverklaring en bewijsvoering van het hof
Standpunt van de verdediging
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte is door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor mishandeling van zijn ex-partner op 20 april 2023. Het hof baseerde zich op verklaringen van het slachtoffer en twee getuigen die het incident bevestigen, ondanks het verweer van de verdachte dat hij op dat moment elders was. De verdachte ontkende de mishandeling en voerde aan dat hij thuis was, gesteund door verklaringen van buren.
Tijdens de terechtzitting in hoger beroep werd het verweer van de verdachte uitgebreid besproken, waarbij ook tegenstrijdigheden in getuigenverklaringen werden aangevoerd. Het hof achtte het bewijs van mishandeling wettig en overtuigend, en verwierp het alibi van de verdachte. De verdachte stelde in cassatie dat het hof onvoldoende had gereageerd op zijn uitdrukkelijk onderbouwde standpunt en dat het hof een niet als bewijsmiddel opgenomen aanvullende verklaring had meegewogen.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof voldoende gemotiveerd heeft waarom het bewijs overtuigend is en dat het hof niet verplicht is op elk detail van het verweer in te gaan. Ook is het gebruik van de aanvullende verklaring van een getuige als bewijsmiddel toereikend gemotiveerd en voldoet aan de vereisten. Het cassatieberoep faalt en wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor mishandeling blijft in stand.