Conclusie
1.Inleiding
2.Het middel
nietover de hoofdzaak heeft beslist. De Hoge Raad heeft in zijn zogenoemde kernroljurisprudentie een ruimere werking aan art. 423 lid 2 Sv Pro toegekend. In een arrest van 27 juni 2023 [3] heeft de Hoge Raad een weergave gegeven van het geformuleerde kader:
NJ 1996/557, m.nt. A.C. ’t Hart;
red.).)”
nietover de hoofdzaak heeft beslist – gevallen aangewezen, waarin de rechter in eerste aanleg
welover de hoofdzaak heeft beslist, maar niet aan de inhoudelijke behandeling van de zaak had mogen toekomen, en die daarom eveneens voor terugwijzing in aanmerking kunnen komen. Van zo’n geval is onder meer sprake als een van de overige personen die een kernrol vervullen bij het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg (te weten de vertegenwoordiger van het openbaar ministerie, de verdachte of zijn raadsman) in eerste aanleg niet is verschenen, terwijl hij niet op de bij de wet voorgeschreven wijze op de hoogte is gebracht van de dag van de terechtzitting en zich ook niet een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat die dag hem tevoren bekend was.