Conclusie
1.Inleiding
2.Feiten en procesverloop
Uit de door u toegezonden stukken kan ik dit niet herleiden. De aandelen zijn destijds verkregen door uw ouders.
U heeft aangegeven dat de aandelen tijdens leven van moeder aan u zijn overgedragen. (onderstreping hof).
3.Bespreking van het cassatiemiddel
onderdeel 1.2is het in onderdeel 1.1 bestreden oordeel ook onbegrijpelijk en/of geeft dit blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Volgens het onderdeel gaat het er om of er een rechtsverhouding tussen de man en zijn moeder bestond, inhoudende verbintenisrechtelijke rechten en verplichtingen van de man jegens zijn moeder ten aanzien van de aandelen. Het oordeel – dat vast zou staan dat de waarde van de aandelen in de verhouding van de man tot zijn moeder geheel aan de man toegekomen zou zijn en niet aan zijn moeder als juridisch gerechtigde tot die aandelen, en dat de man aldus verbintenisrechtelijke rechten en verplichtingen betreffende de aandelen in de B.V. heeft gehad die een belang van de man bij die aandelen vertegenwoordigen, waaronder het belang van waardeverandering van die aandelen – wordt niet (voldoende) gedragen door hetgeen aan die oordelen in rechtsoverwegingen 2.23 en 2.24 voorafgaat, aldus het onderdeel.
vaststaatdat de waarde van de aandelen aan de man toekwam of dat er vermogensrechten ten aanzien van die aandelen ontstonden. Ik meen dan ook dat het oordeel van het hof niet voldoende begrijpelijk is gemotiveerd, en dat de klacht slaagt. [11]