ECLI:NL:RBALM:2009:BK0098
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansprakelijkheid werkgever voor asbestblootstelling en verjaring vordering
De weduwe van een overleden asbestslachtoffer vorderde schadevergoeding van de voormalige werkgever van haar echtgenoot wegens tekortschieten in de zorgplicht omtrent asbestblootstelling. Het slachtoffer werkte tussen 1964 en 1968 bij de werkgever, een klein bouwbedrijf, waar hij incidenteel in aanraking kwam met wit asbest.
De rechtbank oordeelde dat in die periode onvoldoende bekend was over de gevaren van asbest, zodat van de werkgever niet verwacht kon worden dat zij aanvullende veiligheidsmaatregelen trof. Daarnaast werd het beroep op verjaring niet onaanvaardbaar geacht, mede gelet op de lange tijd tussen blootstelling en diagnose.
De vordering werd afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten. De rechtbank erkent het trieste karakter van de zaak, maar kan geen aansprakelijkheid vaststellen wegens het ontbreken van een verwijtbare tekortkoming in de zorgplicht en het verstrijken van de verjaringstermijn.
Uitkomst: De vordering van de weduwe wordt afgewezen wegens ontbreken van verwijtbare zorgplicht en gegrond beroep op verjaring.