ECLI:NL:RBAMS:2007:BB8611
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid en aansprakelijkheid bij effectenleaseovereenkomst wegens schending zorgplicht
Eisers sloten in 2001 een effectenleaseovereenkomst met Bank Labouchere N.V., later opgevolgd door Dexia Bank Nederland N.V. Eisers stelden dat de overeenkomst nietig of vernietigbaar was wegens het ontbreken van schriftelijke toestemming van de huwelijkspartner, dwaling en schending van de zorgplicht door Dexia. Dexia betwistte deze stellingen en vorderde betaling van het resterende saldo uit hoofde van de lease.
De rechtbank kwalificeerde de leaseovereenkomst als huurkoop en oordeelde dat artikel 1:88 BW Pro van toepassing is, waardoor schriftelijke toestemming vereist was. Deze toestemming ontbrak, waardoor eisers bevoegd waren de overeenkomst te vernietigen. Dexia werd aansprakelijk gehouden voor het tekortschieten in de nakoming van haar zorgplicht, met name het niet adequaat informeren over de risico’s van het product.
De rechtbank paste een verdeling van het nadeel toe waarbij 80% voor rekening van Dexia komt en 20% voor eisers, rekening houdend met persoonlijke omstandigheden van eisers. Dexia werd veroordeeld tot betaling van €1.718,75 met wettelijke rente over 42,5% van de betaalde termijnen. De vordering van Dexia in reconventie werd afgewezen en Dexia werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Dexia wordt veroordeeld tot betaling van €1.718,75 met wettelijke rente wegens schending van haar zorgplicht en het ontbreken van schriftelijke toestemming.