ECLI:NL:RBAMS:2008:BF0445
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.P.M. Eberhard
- A.M.F. Huigen
- C. Petiet
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voor geweldpleging in Mirandabad
Op 12 juni 2006 vond in of bij het Mirandabad te Amsterdam openlijk en in vereniging geweld plaats door een groep jongeren die elkaar kenden. Verdachte en medeverdachten waren aanwezig, maar concrete handelingen konden niet overtuigend aan hen worden toegeschreven. Er was slechts één getuigenverklaring per ten laste gelegd feit, onvoldoende voor wettig bewijs.
Verdachte verklaarde op die dag aanwezig te zijn geweest in een kiosk op station RAI en betaalde de goederen, bevestigd door de aangever, wat leidde tot vrijspraak voor het tweede feit. Voor het derde feit, het niet voldoen aan een vordering krachtens artikel 2 Politiewet Pro 1993, oordeelde de rechtbank dat dit niet strafbaar is volgens artikel 184 Sr Pro en ontsloeg verdachte van rechtsvervolging.
De rechtbank verwierp het beroep op niet-ontvankelijkheid wegens overschrijding van de redelijke termijn, aangezien de termijn met twee maanden was overschreden maar dit niet leidde tot niet-ontvankelijkheid. De benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Amsterdam op 8 september 2008.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en ontslagen van rechtsvervolging voor het niet voldoen aan een vordering.