ECLI:NL:RBAMS:2008:BG1721
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vaststelling gezamenlijke huishouding en intrekking bijstand door gemeente Amsterdam
Eiseres ontving bijstand als alleenstaande, maar de gemeente Amsterdam trok haar uitkering in nadat uit een onaangekondigd huisbezoek bleek dat zij een gezamenlijke huishouding voerde met haar huisgenoot. De rechtbank oordeelt dat de anonieme tips en het daaropvolgende onderzoek een redelijke grond vormden voor het huisbezoek. De verklaringen en omstandigheden tonen aan dat eiseres en haar huisgenoot in elkaars verzorging voorzien, wat voldoet aan het criterium van gezamenlijke huishouding volgens de WWB.
De rechtbank bevestigt de intrekking van de bijstand met ingang van 20 oktober 2006, de datum van het huisbezoek. Echter, het besluit van de gemeente om een nieuwe aanvraag af te wijzen op basis van een onweerlegbaar rechtsvermoeden wordt vernietigd. De rechtbank stelt dat artikel 3, vierde lid, aanhef en onder a van de WWB alleen ziet op aanvragen van gewezen echtgenoten, wat hier niet van toepassing is.
Verder oordeelt de rechtbank dat de gemeente onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld door eiseres niet te informeren over de juridische kwalificatie van haar woonsituatie en haar niet de mogelijkheid te bieden gezamenlijk een aanvraag in te dienen. Dit leidt tot vernietiging van het besluit tot afwijzing van de nieuwe aanvraag. De gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Intrekking bijstand per 20 oktober 2006 bevestigd; afwijzing nieuwe aanvraag vernietigd wegens onvoldoende motivering en onzorgvuldigheid.