ECLI:NL:RBAMS:2009:BI6363
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling wegens effectenleaseovereenkomst en vaststellingsovereenkomst Dexia Aanbod
Afnemer heeft effectenleaseovereenkomsten gesloten met Dexia Bank Nederland, waarbij na afloop restschulden resteerden die niet zijn voldaan. Dexia heeft haar vorderingen op Afnemer gecedeerd aan Varde Investments. Afnemer heeft het Dexia Aanbod ondertekend, waarmee volgens Varde een vaststellingsovereenkomst tot stand kwam. Afnemer betwist dit en voert onder meer dwaling, bedrog en schending van zorgplicht aan.
De kantonrechter stelt vast dat de effectenleaseovereenkomst kwalificeert als huurkoop en dat de kantonrechter bevoegd is. De cessie van Dexia aan Varde is rechtsgeldig. Het verweer van Afnemer dat hij niet gebonden is aan het Dexia Aanbod wegens dwaling, misbruik van omstandigheden of schending van zorgplicht wordt verworpen, mede gelet op eerdere rechtspraak van het Gerechtshof Amsterdam.
De kantonrechter oordeelt dat Afnemer ook gebonden is aan de WCAM-overeenkomst (Duisenbergregeling) indien het Dexia Aanbod niet rechtsgeldig zou zijn, maar dit is niet aan de orde. De vordering van Varde tot betaling van hoofdsom, rente en kosten wordt grotendeels toegewezen, met uitzondering van buitengerechtelijke incassokosten die niet zijn bewezen. Afnemer wordt veroordeeld tot betaling van € 24.274,11 hoofdsom, wettelijke rente en proceskosten.
Uitkomst: Afnemer is veroordeeld tot betaling van hoofdsom, rente en proceskosten aan Varde Investments.