ECLI:NL:RBAMS:2010:BN8268
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.W. Bianchi
- S.A. Krenning
- J.M. Schouwenaar
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering aan Duitsland voor drugshandel ondanks bezwaren verdediging
De rechtbank Amsterdam behandelde de vordering tot overlevering van een Nederlandse verdachte aan Duitsland op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) wegens vermeende drugshandel. De verdediging voerde aan dat de feitomschrijving in het EAB onvoldoende concreet was, waardoor een onschuldverweer onmogelijk zou zijn. De rechtbank verwierp dit verweer en oordeelde dat het EAB voldoende duidelijkheid biedt over tijd, plaats en rol van de verdachte.
De verdachte betwistte zijn schuld, maar kon dit niet aantonen tijdens de zitting, waardoor dit geen reden was voor weigering van overlevering. De rechtbank stelde vast dat de feiten strafbaar zijn volgens Duits en Nederlands recht, en dat de verdachte de Nederlandse nationaliteit bezit, waardoor een terugkeergarantie vereist is. Duitsland gaf schriftelijke garanties dat een opgelegde straf in Nederland kan worden uitgezeten.
De verdediging uitte zorgen over mogelijke executie van een eerder Duits vonnis, maar de rechtbank achtte deze vrees ongegrond. Verder werd overwogen dat de overlevering ondanks de mogelijke plaats van de feiten op Nederlands grondgebied toch aan Duitsland moet worden toegestaan, omdat de officier van justitie dit vordert en de rechtbank hier geen reden ziet om dit te weigeren. De overlevering werd daarom toegestaan zonder mogelijkheid tot gewoon rechtsmiddel.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan Duitsland toe voor drugshandel.