ECLI:NL:RBAMS:2012:BX3752
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.A. Krenning
- N.J. Koene
- P. Rodenburg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opname specialiteitsbeding bij overlevering aan Litouwen
De rechtbank Amsterdam behandelde op 8 juni 2012 een vordering tot overlevering van een persoon aan Litouwen op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd op 14 december 2011. De opgeëiste persoon wordt verdacht van diefstal met geweld, een strafbaar feit volgens zowel het Litouwse als het Nederlandse recht.
De verdediging voerde aan dat overlevering onevenredig zou zijn vanwege de impact op de opgeëiste persoon en zijn zwangere vriendin, de geringe ernst van het feit en de vermeende lange inactiviteit van Litouwse autoriteiten. Ook werd betwist dat de opgeëiste persoon het feit heeft gepleegd en werd gevreesd voor erbarmelijke detentieomstandigheden in Litouwen. De rechtbank verwierp deze argumenten en stelde dat het EAB geen gering delict betreft en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die overlevering in de weg staan.
De raadsvrouw verzocht om in het dictum een beding op te nemen dat de opgeëiste persoon na overlevering niet vervolgd zal worden voor andere feiten dan het in het EAB genoemde, het zogenaamde specialiteitsbeginsel. De rechtbank wees dit verzoek af omdat Litouwen op grond van Europees en nationaal recht reeds gebonden is aan dit beginsel en er geen reden is te veronderstellen dat Litouwen dit niet zal naleven.
De rechtbank concludeerde dat aan alle wettelijke vereisten voor overlevering is voldaan en stond de overlevering toe. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan Litouwen toe en wijst het verzoek tot opname van het specialiteitsbeding in het dictum af.