ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ3604
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep om vaststelling dwangsom bij overschrijding beslistermijn exploitatievergunning Concertgebouw
Eisers, omwonenden van het Concertgebouw, maakten bezwaar tegen de verleende exploitatievergunning voor horecaactiviteiten door Het Concertgebouw N.V. De gemeente Amsterdam wees het bezwaar ongegrond en weigerde het verzoek om vaststelling van een dwangsom wegens overschrijding van de beslistermijn.
De rechtbank oordeelt dat een ingebrekestelling vormvrij is en dat de brief van eisers van 21 juli 2010 als zodanig geldt. Omdat verweerder niet binnen twee weken na deze ingebrekestelling op het bezwaar heeft beslist, is de dwangsom verschuldigd. De rechtbank stelt de dwangsom vast op € 1.260.
Daarnaast vernietigt de rechtbank het onderdeel van het bestreden besluit dat het bezwaar tegen de vergunning ongegrond verklaarde, omdat verweerder onvoldoende bewijs leverde dat het overgangsrecht van toepassing is. In de beroepsprocedure is echter aannemelijk gemaakt dat het overgangsrecht geldt, zodat de rechtsgevolgen van dit onderdeel in stand blijven.
De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers. De uitspraak is gedaan door rechter J.H.M. van de Ven op 23 maart 2011.
Uitkomst: De rechtbank stelt de dwangsom van € 1.260 vast en vernietigt het besluit over het bezwaar tegen de vergunning gedeeltelijk.