ECLI:NL:RBAMS:2011:BR5800
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening en terugvordering WAO-uitkering wegens onderneming naast uitkering
Eiseres, voormalig administratief medewerkster met een WAO-uitkering, exploiteerde sinds 2004 samen met haar echtgenoot een café. Verweerder herzag haar arbeidsongeschiktheidspercentage en vorderde onverschuldigd betaalde uitkeringen terug over 2006-2009. Eiseres betwistte de herziening en terugvordering, onder meer vanwege de toepassing van de zelfstandigenaftrek en vermeende schending van het zorgvuldigheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de zelfstandigenaftrek bij de inkomsten heeft betrokken en dat de herziening van de uitkering met terugwerkende kracht geoorloofd is, mede gelet op vaste jurisprudentie. Tevens is vastgesteld dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de terugvordering onaanvaardbare financiële gevolgen heeft, temeer daar een betalingsregeling is getroffen.
De berekening van de aflossingscapaciteit en de beslagvrije voet is door verweerder correct toegepast, waarbij rekening is gehouden met het inkomen van de echtgenoot conform artikel 475d, derde lid, Rv. De beroepen van eiseres zijn derhalve ongegrond verklaard en de terugvordering gehandhaafd.
Uitkomst: De beroepen van eiseres tegen de herziening en terugvordering van haar WAO-uitkering worden ongegrond verklaard.