ECLI:NL:RBAMS:2011:BT8093
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van servicekosten en vaste vergoedingen bij short stay verhuur aan buitenlandse studenten
In deze zaak vordert een verhuurder van studentenwoningen een verklaring voor recht omtrent de redelijkheid van de in rekening gebrachte servicekosten bij short stay verhuur aan buitenlandse studenten.
De verhuurder stelt dat vanwege de korte huurperioden en de bijzondere doelgroep een vaste vergoeding voor servicekosten passend is, terwijl de huurders dit betwisten en wijzen op het wettelijke huurprijzenrecht. De rechtbank oordeelt dat het reguliere huurprijzenrecht van toepassing is en dat de verhuurder gehouden is op verzoek van de huurder een afrekening te verstrekken. Een vaste vergoeding is toegestaan zolang deze niet hoger is dan de werkelijke kosten.
Verder oordeelt de rechtbank dat leegstandskosten niet als servicekosten mogen worden doorberekend, omdat dit huurderving betreft die uit de kale huur moet worden bestreden. De berekening van energie- en waterkosten moet gebaseerd zijn op werkelijke kosten, bij voorkeur via individuele meting. Voor inventaris en mutatieschoonmaak mag een vaste vergoeding worden gehanteerd. De zaak wordt aangehouden voor nadere berekening van de betalingsverplichting.
Uitkomst: Verhuurder moet op verzoek afrekening verstrekken, mag geen leegstandskosten doorberekenen en kan vaste vergoeding voor inventaris en mutatieschoonmaak hanteren.