ECLI:NL:RBAMS:2011:BU6637
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering hiv-geïnfecteerde zonder verblijfsvergunning niet in strijd met EVRM
Eiser, een hiv-geïnfecteerde van Ghanese afkomst zonder verblijfsvergunning, ontving sinds 2007 een bijstandsuitkering. Na intrekking van zijn verblijfsvergunning werd zijn uitkering per 14 april 2011 stopgezet. Eiser stelde dat de intrekking in strijd was met artikel 3 en Pro 8 van het EVRM vanwege zijn medische situatie en dakloosheid.
De rechtbank overwoog dat uit het arrest N. vs UK volgt dat alleen bij een vergevorderd en direct levensbedreigend stadium van ziekte uitzonderlijke omstandigheden kunnen leiden tot schending van artikel 3 EVRM Pro. Eiser wordt behandeld en ontvangt medicatie en een maandelijkse toelage, en hoewel hij geen vaste slaapplaats heeft, kan hij bij vrienden verblijven. Er is geen sprake van extreme materiële armoede zoals in het arrest M.S.S. vs Griekenland en België.
Ook het beroep op artikel 8 EVRM Pro faalde omdat eiser geen kwetsbare persoon is in de zin van dat artikel en er geen voorliggende voorzieningen zijn die niet worden benut. De rechtbank concludeerde dat de intrekking van de bijstandsuitkering terecht was en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de intrekking van de bijstandsuitkering per 14 april 2011.