ECLI:NL:RBAMS:2012:BY1331
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Redelijkheid en billijkheid bij incassoprovisie na voortijdige beëindiging incasso-overeenkomst
Partijen sloten een incasso-overeenkomst waarbij Juresta incassodiensten zou verrichten voor een vordering van €40.917,20 op een Duitse debiteur. Na verloop van tijd trok de opdrachtgever de opdracht in wegens ontevredenheid over de voortgang en communicatie, waarna Juresta een factuur stuurde met volledige incassoprovisie.
De opdrachtgever betwistte betaling van de volledige incassoprovisie en stelde dat Juresta niet voortvarend had gehandeld en dat de debiteur feitelijk failliet was, waardoor geen volledige provisie verschuldigd zou zijn. De kantonrechter oordeelde dat de algemene voorwaarden weliswaar de volledige provisie voorschrijven bij intrekking, maar dat dit in dit geval naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.
De rechter stelde vast dat Juresta het dossier niet tijdig en adequaat had behandeld, waardoor de opdrachtgever gerechtvaardigd was in zijn kritiek. De volledige provisie werd daarom buiten toepassing gelaten en een redelijk loon vastgesteld op €1.158,-, naast de onbetwiste advocaatkosten en administratiekosten. Ook de gevorderde contractuele rente en buitengerechtelijke incassokosten werden deels toegewezen.
De kantonrechter veroordeelde de opdrachtgever tot betaling van een aangepaste hoofdsom inclusief rente en incassokosten, en wees de overige vorderingen af. De proceskosten werden aan de zijde van Juresta toegewezen.
Uitkomst: De opdrachtgever is veroordeeld tot betaling van een gereduceerde incassoprovisie en bijkomende kosten met rente.