ECLI:NL:RBAMS:2012:BY9797
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.C. Bachrach
- B. de Vos
- J.H.M. van de Ven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing toevoeging rechtsbijstand wegens vertrouwensbreuk in asielprocedure
Eiser 1 heeft een aanvraag gedaan voor een toevoeging als bedoeld in de Wet op de rechtsbijstand (Wrb) om in een asielprocedure van advocaat te mogen wisselen. Verweerder, de Raad voor Rechtsbijstand, heeft deze aanvraag afgewezen op grond van het beleid dat gedurende de gehele asielprocedure dezelfde advocaat de bijstand verleent, tenzij sprake is van uitzonderlijke omstandigheden zoals een ernstige vertrouwensbreuk.
De rechtbank stelt vast dat het beleid onduidelijk is over de wijze waarop een vertrouwensbreuk aannemelijk gemaakt moet worden en dat het onredelijk is om te eisen dat sprake is van een zeer ernstige mate van schending van vertrouwen. Verweerder heeft de afwijzing gebaseerd op het ontbreken van een klacht bij de Orde van Advocaten of de intervisiecommissie, maar erkent dat een vertrouwensbreuk ook op andere wijze kan worden aangetoond.
Het beroep van eiser 2 wordt ongegrond verklaard omdat hij geen belanghebbende is bij het primaire besluit. Het beroep van eiser 1 wordt gedeeltelijk gehonoreerd: de rechtbank heropent het onderzoek en geeft verweerder vier weken de tijd om het besluit te heroverwegen en nader te motiveren. De rechtbank benadrukt dat het beleid geen limitatieve opsomming van redenen tot opvolging bevat en dat een vertrouwensbreuk een subjectieve beleving is die voldoende gemotiveerd moet worden beoordeeld.
Uitkomst: Het beroep van eiser 2 wordt ongegrond verklaard en het beroep van eiser 1 wordt gedeeltelijk toegewezen door het onderzoek te heropenen en verweerder in de gelegenheid te stellen het besluit nader te motiveren.