Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
Het proces-verbaal van de terechtzitting van 19 november 2013 met daarin, de volgende verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven:
Een proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1], voorzien van nummer 2013125706-65 van 31 mei 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren [opsporingsambtenaar 1] en [opsporingsambtenaar 2], doorgenummerde p. 129 ev., met daarin de verklaring van [getuige 1], zakelijk weergegeven:
Een proces-verbaal van bevindingen plaats delict [adres 1], voorzien van nummer PL134C 2013125706-32 van 26 mei 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 1], doorgenummerde p. 023 ev., met daarin de verklaring van verbalisant voornoemd, zakelijk weergegeven:
Een proces-verbaal kennisgeving van inbeslagneming met nummer PL135J 2013125706-24, opgesteld door rapporteur [opsporingsambtenaar 3], doorgenummerde p. 002, met daarin de verklaring van rapporteur voornoemd, zakelijk weergegeven:
Een geschrift, zijnde een rapport van 12 november 2013, genaamd: “Munitieonderzoek naar aanleiding van een schietincident in Amsterdam op 26 mei 2013” van het Nederlands Forensisch Intituut:
Het proces-verbaal van de terechtzitting van 19 november 2013 met daarin, de volgende verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven:
Een proces-verbaal wapenonderzoek van 3 juni 2013, opgesteld door [opsporingsambtenaar 4], doorgenummerde p. 136 ev., met daarin de verklaring van [opsporingsambtenaar 4] voornoemd, zakelijk weergegeven:
Een proces-verbaal doorzoeking, voorzien van nummer 2013125706-49 van 27 mei 2013, in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 5], doorgenummerde p. 045 ev, met daarin de verklaring van verbalisant voornoemd, zakelijk weergegeven:
Een geschrift, zijnde een kennisgeving van inbeslagneming, met nummer PL134C 2013125706-52 van 27 mei 2013, doorgenummerde p. 046 ev. inhoudende, zakelijk weergegeven:
Een geschrift, zijnde een rapport van de Dienst Regionale Recherche Forensische Opsporing van 6 juni 2013, opgesteld door [opsporingsambtenaar 6], doorgenummerde p. 140 ev., met daarin de verklaring van [opsporingsambtenaar 6] voornoemd, zakelijk weergegeven:
Een proces-verbaal van bevindingen ‘belangrijk telefoongesprek [verdachte]-[medeverdachte], voorzien van nummer 2013125706, op 29 oktober 2013 in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaar [opsporingsambtenaar 7], doorgenummerde p. 239, met daarin de verklaring van [opsporingsambtenaar 7], zakelijk weergegeven:
- het gaat om een groot bedrag, te weten € 9.900.-;
- dit geldbedrag lag in een stapel en deels in een briefhouder voor ieder zichtbaar op de eettafel;
- het geldbedrag bestond onder meer uit verschillende coupures waarvan enkele grote coupures van € 500,-;
- in de woning van verdachte is aangetroffen een grote hoeveelheid cocaïne;
- uit een pinggesprek dat verdachte voerde op de dag van de vondst van het geld blijkt dat hij zich bezig houdt met verdovende middelen;
- verdachte heeft verklaard dat hij het geld heeft verdiend en gespaard met diverse (schilder) klusjes; hij heeft deze verklaring desgevraagd op geen enkele wijze kunnen onderbouwen noch anderszins aannemelijk weten te maken; het ligt ook niet voor de hand om een dergelijk in de loop van de tijd bij elkaar gespaard bedrag in zijn totaliteit zo openlijk op de eettafel te bewaren; ook dienaangaande had verdachte geen aannemelijke verklaring;
- niet gebleken is dat verdachte aantoonbaar legale inkomsten heeft.
door dat misdrijf verkregen voorwerpenonder zich heeft en dus voorhanden heeft, zich automatisch ook schuldig zou maken aan het witwassen van die voorwerpen.
van welk bepaald misdrijfhet aangetroffen geld afkomstig is, noch dat het openbaar ministerie aanwijzingen had op grond waarvan nader onderzoek had kunnen worden gedaan naar een dergelijk misdrijf en dit in de vervolging centraal te stellen. De rechtbank kan slechts constateren dat er veel belastende omstandigheden bestaan die met zich brengen dat de oorsprong van het geld wel van een criminele aard moet zijn. Onder deze omstandigheden kan derhalve wel tot witwassen worden gekwalificeerd.
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
- Een geldbedrag van € 9.900,-;
- Een geldbedrag van € 525,-;
- Een drukpers.
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
4 (vier) jaren en 6 (zes) maanden.