ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ5681
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.D. Reiling
- A.M. van der Linden-Kaajan
- B. de Vos
- Rechtspraak.nl
Ontslag wegens ernstig plichtsverzuim en verstoorde arbeidsverhouding bij gemeente Amsterdam
Eiseres was werkzaam bij de afdeling Reiniging van stadsdeel Centrum van de gemeente Amsterdam en werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim. Zij had samen met een collega structureel extra bedrijfsafval ingezameld buiten de afgesproken tijden en hoeveelheden, waarbij zij goederen aannam als tegenprestatie. Hoewel eiseres stelde dat zij uit angst voor agressief gedrag van haar collega handelde en de misstanden had gemeld, oordeelde de rechtbank dat deze bedreigingen niet aannemelijk waren en dat zij bewust deelnam aan de integriteitschendingen.
De rechtbank overwoog dat de verhouding tussen eiseres en de gemeente door haar gedragingen zodanig was verstoord dat vruchtbare samenwerking niet meer mogelijk was, waardoor ontslag gerechtvaardigd was op grond van artikel 12.12, aanhef en onder b, van de NRGA. Het beroep op de klokkenluidersregeling faalde omdat eiseres niet te goeder trouw had gehandeld en persoonlijk gewin had gehad. Ook was er geen sprake van schending van het gelijkheidsbeginsel, aangezien ook haar collega was ontslagen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder niet overwegend schuldig was aan het ontstaan van de verstoorde verhouding en dat de reeds toegekende financiële compensatie voldoende was. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het ontslagbesluit bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen haar ontslag wegens ernstig plichtsverzuim en verstoorde arbeidsverhouding wordt ongegrond verklaard.