De werknemer, vestigingsmanager bij Sally Beauty, werd op 11 augustus 2015 op staande voet ontslagen wegens vermeend frauduleus handelen en liegen over het tijdstip van kasstorting. De werkgever had een onderzoek ingesteld naar kasverschillen, maar wachtte niet de volledige resultaten af voordat het ontslag werd gegeven.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag niet onverwijld was gegeven, aangezien de werkgever al op 6 augustus 2015 beschikte over gegevens die het verhaal van de werknemer tegenspraken. Hierdoor werd het ontslag op staande voet vernietigd en werd de werkgever veroordeeld tot doorbetaling van loon tot 1 januari 2016.
Tegelijkertijd werd de arbeidsovereenkomst ontbonden op grond van verwijtbaar handelen van de werknemer, omdat zij grote bedragen geld op een onveilige plaats had achtergelaten en onwaarheden had verteld over de kasstorting. Er was echter onvoldoende bewijs voor ernstig verwijtbaar handelen, zodat geen billijke vergoeding werd toegekend.
De kantonrechter wees het verzoek tot wedertewerkstelling af vanwege het naderende einde van de arbeidsovereenkomst en veroordeelde de werkgever tot betaling van een transitievergoeding van €1.765,00. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten in de ontbindingszaak, terwijl de werkgever in de vernietigingszaak de kosten moet vergoeden.