Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 juni 2017 in de zaak tussen
[de persoon] , kantoorhoudend te Amsterdam,
[de man] , te Amsterdam,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.
Rechtbank Amsterdam
De zaak betreft een aanvraag om extra uren rechtsbijstand in een complexe uitleveringsprocedure tegen de Verenigde Staten. De advocaat heeft onderzoek gedaan naar het Amerikaanse rechtssysteem, de wetgeving in Oregon, detentieomstandigheden en heeft contact onderhouden met deskundigen en de Amerikaanse advocaat. Verweerder had de aanvraag voor extra uren geweigerd omdat geen bijzondere complexiteit zou bestaan.
De rechtbank oordeelt dat de zaak zowel feitelijk als juridisch complex was, mede door de bijzondere rechtsvragen over uitlevering, detentieomstandigheden en de noodzaak van deskundigenonderzoek. Verweerder heeft de complexiteit onjuist beoordeeld en het bestreden besluit is daarom niet deugdelijk gemotiveerd.
De rechtbank verklaart het beroep van de advocaat ontvankelijk en gegrond, vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit. Er worden 35 extra uren rechtsbijstand toegekend. Het beroep van de cliënt wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang, aangezien de zaak al is beëindigd en de extra uren geen gevolgen voor hem hebben.
De rechtbank draagt tevens op het betaalde griffierecht aan de advocaat te vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter A.H. van Zutphen en griffier S.M. Koning op 1 juni 2017.
Uitkomst: De rechtbank kent 35 extra uren rechtsbijstand toe wegens de feitelijke en juridische complexiteit van de zaak.