ECLI:NL:RBAMS:2017:7660
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen handhaving hotelmatig gebruik appartement in Amsterdam
Verzoekster is huurster van een woning in Amsterdam en exploiteert een appartement boven de garage als bed and breakfast (B&B). Verweerder constateerde dat het appartement zelfstandig bewoonbaar is en kwalificeert het gebruik als hotelmatig, wat niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan "Westelijke binnenstad". Verzoekster kreeg een last onder bestuursdwang om het gebruik te staken.
Verzoekster vroeg een voorlopige voorziening om het gebruik voort te zetten gedurende de bezwaarprocedure, stellende dat zij daardoor aanzienlijke inkomsten misloopt. De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster onvoldoende financiële nood aannemelijk maakte en dat het belang van handhaving zwaarder weegt.
De rechter stelde vast dat het appartement een zelfstandige woonruimte is volgens de regionale huisvestingsverordening en dat het gebruik als zelfstandige bewoning en hotelmatig gebruik kwalificeert. Het beroep op overgangsrecht faalde omdat het gebruik niet als woning maar als hotelmatig gebruik werd aangemerkt.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het bestuursdwangbesluit rechtmatig is en dat geen bijzondere omstandigheden zijn aangevoerd die handhaving onredelijk maken. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestuursdwangbesluit wordt afgewezen.