Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 18 oktober 2016, met producties,
- de conclusie van antwoord tevens houdende voorwaardelijke eis in reconventie, met producties, ingediend op de rol van 30 mei 2018,
- het tussenvonnis van 24 oktober 2018 waarbij een comparitie van partijen is gelast,
- de akte eisvermeerdering in conventie,
- het proces-verbaal van comparitie van 6 maart 2019, met de daarin genoemde processtukken en proceshandelingen.
2.De feiten in conventie en in reconventie
2. Vergoeding.