Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[verzoeker] ,
Procesgang
Inhoud verzoekschrift
Het standpunt van het Openbaar Ministerie
Beoordeling
Beslissing
af;
niet-ontvankelijkten aanzien van het verzoek ex artikel 577b lid 7 Sv.
Rechtbank Amsterdam
Verzoeker is veroordeeld tot betaling van €306.675,72 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Na zijn faillissement is een akkoord gehomologeerd waarbij concurrente schuldeisers een uitkeringspercentage van 13,54% ontvangen.
Verzoeker verzocht de rechtbank om de ontnemingsmaatregel te verminderen tot dit percentage, stellende dat de Staat als schuldeiser gebonden is aan het akkoord. Het Openbaar Ministerie betwistte dit en stelde dat de Staat geen concurrente schuldeiser is en niet gebonden is aan het akkoord.
De rechtbank oordeelde dat de Staat wel als concurrente schuldeiser moet worden aangemerkt en gebonden is aan het akkoord, maar dat dit niet leidt tot vermindering of kwijtschelding van het ontnemingsbedrag. Het verzoek tot matiging wordt afgewezen. Het verzoek tot schorsing van de executie is niet-ontvankelijk omdat het belang daarvoor is komen te vervallen.
Uitkomst: Het verzoek tot vermindering van de ontnemingsmaatregel wordt afgewezen en het verzoek tot schorsing van de executie wordt niet-ontvankelijk verklaard.